Autisme

Autismespectrumstoornissen vormen een groep stoornissen die verwant zijn aan autisme. Alle mensen met een stoornis in het autismespectrum hebben moeite met het inschatten en begrijpen van sociale interactie. Dat vormt de kern van hun problemen. 

Hoe ontstaat een ass?

Van autismespectrumstoornissen zijn geen duidelijke biologische, lichamelijke of psychologische oorzaken bekend. Meestal wordt een autismespectrumstoornis beschouwd als een ontwikkelingsstoornis met een neurobiologische oorzaak. Dat wil zeggen dat de hersenen anders functioneren dan bij mensen zonder autisme. Erfelijkheid speelt een belangrijke rol bij het ontstaan.
Broertjes en zusjes van een kind met een autismespectrumstoornis hebben twintig tot zestig keer zo veel kans als andere kinderen dat ze zelf ook een dergelijke stoornis hebben. Er wordt veel onderzoek gedaan naar de genen die de kans op autisme verhogen. Tot op heden is alleen voor de stoornis van Rett een genetische oorzaak ontdekt. Bij de andere stoornissen lijkt er sprake te zijn van een complexe interactie van meerdere genen die de problemen veroorzaakt. Hersenonderzoek laat zien dat de informatieverwerking van mensen met autisme trager verloopt en over meer schakels gaat dan bij mensen zonder autisme. De invloed van de omgeving op het ontstaan van autisme is beperkt. Factoren als een kille manier van opvoeding of luchtvervuiling veroorzaken geen autisme. Als kinderen extreem worden verwaarloosd kunnen ze wel symptomen hebben die ook passen bij een autismespectrumstoornis. Maar meestal verdwijnen deze symptomen langzaam als de kinderen verder opgroeien in een normale omgeving.

Hoe vaak komt een autismespectrumstoornis voor?
De cijfers over het aantal mensen dat een stoornis in het autismespectrum heeft verschillen nogal van elkaar. Dat heeft onder meer te maken met het al of niet meetellen van kinderen met PDD-NOS in de verschillende onderzoeken. Het Trimbos Instituut (2008) gaat voor Nederland uit van ongeveer 60 op de 10.000 kinderen, van wie het overgrote deel PDD-NOS heeft. Gemiddeld komt de stoornis bij mannen vier keer vaker voor dan bij vrouwen. Alle vormen van autisme komen gelijkmatig voor binnen alle sociaal economische klassen. Bij een klein deel van de mensen is de autistische stoornis het gevolg van een lichamelijke aandoening.
Autismespectrumstoornissen komen veel voor bij mensen met een verstandelijke handicap. Van de tien kinderen met een autismespectrumstoornis zijn er maar drie met een normale intelligentie. Vier van de tien hebben een ernstige verstandelijke handicap. Eén op de drie kinderen met een autismespectrumstoornis heeft ook ADHD.
Kinderen en jongeren met een autismespectrumstoornis krijgen nogal eens te maken met pesten en andere problemen binnen het sociale contact. Hierdoor kunnen sociale angsten ontstaan. Angst en depressie zijn regelmatig bijkomende problemen bij de stoornis. Angst kan daarbij zorgen voor agressie en toenemend isolement.

Drie theorieën
Er bestaan drie belangrijke theorieën die een verklaring proberen te geven voor autisme. Hoewel er veel onderzoek wordt gedaan, is er nog geen sluitende en volledig passende theorie gevonden.

  • De Theory Of Mind
    De Theory Of Mind gaat over het vermogen om na te denken over en rekening te houden met het innerlijk van jezelf en de ander. De theorie gaat ervan uit dat kinderen geleidelijk leren dat mensen eigen behoeften, meningen en gevoelens hebben. Ze komen er achter dat die niet altijd hetzelfde zijn als bij henzelf en steeds meer leren ze daarmee ook rekening te houden. Bij kinderen met autisme spectrum stoornis komen dit begrip en inlevingsvermogen gebrekkig tot ontwikkeling Ze vinden het moeilijk om te begrijpen wat er in de ander omgaat en reageren daarom vaak niet passend. 
  • De centrale coherentie
    De centrale coherentietheorie gaat ervan uit dat mensen met een autisme spectrum stoornis geen samenhangend beeld kunnen vormen van de dingen die ze waarnemen. Ze doen deelwaarnemingen en zien fragmenten die geen eenheid vormen. Een situatie bestaat dan als het ware uit losse puzzelstukjes, die geen verband lijken te hebben met elkaar. Daardoor kunnen mensen met autisme de betekenis moeilijk begrijpen en het overzicht kwijt raken. Dat kan angst of paniek tot gevolg hebben. 
  • De planning of Executive Function
    De planning of Executive Functions gaat over het plannen en organiseren van taken. Mensen met een autisme spectrum stoornis hebben daar moeite mee. Ze kunnen moeilijk schakelen van de ene taak naar de andere en zijn weinig flexibel bij het uitvoeren van de taken. Dit verklaart het obsessieve gedrag en de weerstand tegen verandering bij veel mensen met autisme. Ze hebben behoefte aan duidelijkheid en overzicht bij het uitvoeren van taken. Het is voor hen moeilijk om meerdere dingen tegelijk te doen of een eenmaal geplande activiteit te veranderen.


 

 het ervaringsverhaal van Andrea
     die in een jeugd-woonvorm woont

 het ervaringsverhaal van een moeder
     die een oudercursus volgde

andere ervaringsverhalen


 

Wilt u weten wat Autisme is en hoe het is om daarmee te moeten leven? Bekijk dan de aflevering uit de serie Doe even normaal (NTR) http://bit.ly/1mLu3or
Informatie over de serie op: http://bit.ly/1oGbx4E