• Wie zijn wij
  • Uw rechten en plichten
kleiner groter print

“We zijn er achter gekomen wie onze echte vrienden zijn.” Enige verbittering weerklinkt in de stemmen van de ouders. Een ernstige vorm van schizofrenie bij hun jongste zoon veranderde hun leven in betrekkelijke korte tijd ingrijpend. Steun hadden ze wel aan Eleos. Tot twee keer toe volgden ze een cursus voor familieleden van mensen met schizofrenie. “Dat verduidelijkte veel. We leerden ook grenzen te stellen.”

De ingrijpende gebeurtenissen stempelen het gezin Jansen. Vader (60) kan, zo maakt hij duidelijk er moeilijk over praten. “Ik heb nog steeds moeite om het te accepteren. Pas liep ik langs de rivier en zag daar een vader met zijn zoon ….” Zijn stem stokt. Voor de moeder is het praten over haar zoon juist een vorm van verwerken, hoewel ook zij nog veel vragen heeft. “Zeker voor je eigen geestelijke leven is dit ingewikkeld. Waarom moet hij het zo moeilijk hebben?”

Eenzelvig
Het gezin Jansen - drie dochters van (nu) 30, 29 en 27 en zoon Hans (24) - kende tot voor vijf jaar geleden geen grote zorgen. Maar Hans veranderde. “Hij was een gewone en sociale knul, die rustig zijn gang ging. Hans had zijn eigen vriendengroep, was technisch behoorlijk ontwikkeld. Hij deed autotechniek”, vertelt mevrouw Jansen. Op de MTS wijzigde zijn gedrag. “Hij leek een beetje overspannen.We dachten dat het kwam doordat hij drie jaar opleiding in twee jaar deed.” Gaandeweg ontdekten de ouders dat er meer aan de hand was. “We wilden er niet aan, onze dochters, die opleidingen in de zorgsector hebben gehad, zagen het eerder dan wij.” Hans’eetlust verminderde, ook op school en tijdens zijn stage- en later werkplek gedroeg hij zich anders zijn voorheen. “Zijn gedrag werd eenzelvig, hij kreeg vreemde ideeën, werd achterdochtig, dacht dat hij achtervolgd werd. Op z’n werk liep hij de hele dag met een koptelefoon op, zogenaamd om herrie te vermijden, maar later bleek dat hij stemmen in zijn hoofd hoorde. Met zijn auto reed hij veel te hard, maakte bijna-ongelukken en werd ook een keer door de politie opgepakt.”

Schizofrenie
Nog steeds wisten zijn ouders niet wat er aan de hand was, de huisarts kon aanvankelijk ook geen duidelijkheid verschaffen. De situatie verergerde en tenslotte bleef Hans dagenlang op zijn kamer. “Hij sliep overdag en  ging ’s nachts in de Bijbel zitten lezen, schreef namen op en deed vreemde dingen. Na lang aandringen wilde hij mee naar Eleos, waar de psychiater al na enkele gesprekken bezorgd keek en zei dat hij in de richting van schizofrenie dacht. “Nu is m’n leven voorbij”, zei Hans toen we terugreden. Hij kreeg medicijnen, maar nam die vaak niet in. Hij was ondertussen meerderjarig geworden en zelf verantwoordelijk.” Hans raakte erg in de war. “Hij werd psychotisch en begon alles te vergeestelijken. Hij schreeuwde soms onverstaanbare woorden. Een andere keer wilde hij uit het raam springen.”

Isolement
De dochters die gelukkig al volwassenen waren, zochten hun eigen weg temidden van de problemen die de ouders boven het hoofd groeiden. Ze raakten in een isolement. Over de rol van hun kerkgenootschap waren ze in de beginjaren niet tevreden “We hebben nu een goede wijkouderling, maar in het begin begreep men er niet veel van. Hans werd niet opgedragen in het gebed, tenzij je er zelf nadrukkelijk om vroeg.” Vader Jansen: “Als iemand een arm of been mist, is het voor de buitenwereld duidelijk. En als een kind met het syndroom van Down in de winkel een snoepje uit het schap pakt, zal geen enkele eigenaar daar iets van zeggen.
Maar uit de kerkelijke gemeente was er eentje die kwam vragen hoe het met ons ging. Men zag en ziet de ernst van de situatie niet, weet ook niet wat een psychose is.” Over de cursussen van Eleos, waaraan het echtpaar in het najaar van 2002 en het voorjaar van 2003 deelnam, zijn vader en moeder Jansen onverdeeld positief. “We leerden er veel over de ziektebeelden, over medicijngebruik, de bijwerkingen en wat we konden verwachten. Er werd ons veel duidelijk. Maar vooral was er de herkenning van je problemen. Je ontmoette er lotgenoten die je begrepen.” De cursus was ook van belang voor het gezin. “We leerden grenzen te stellen. Dat moet je, hoe moeilijk het ook is. Je moet ook voor je andere kinderen en voor jezelf opkomen.”

Woonvorm
Ondertussen ging het met Hans bergafwaarts. Toen de huisarts de ernst van de situatie onderkende, hield hij het echtpaar wel voor dat ze zich geen schuldgevoelens moesten aanpraten. “Hij zei dat wij er niets aan konden doen. Vroeger ging men er vanuit dat ook de opvoeding bepalend was voor het ontwikkelen van dergelijke ziekten”, zegt mevrouw Jansen. “Maar ook al is dat tegenwoordig anders, toch blijf je denken. Heb ik hem als jongste wel goed aangepakt, hem niet te veel verwend, dat soort dingen.” Na een zware periode waarin de spanningen soms hoog opliepen, stemde Hans in met een opname in psychiatrisch ziekenhuis de fontein in Bosch en Duin. Toen men in de gaten had hoe ziek hij was, mocht hij blijven tot er een oplossing voor een wat langere termijn was. Die werd gevonden in  een woonvorm van Eleos.

Verwondingen
Dat ging evenmin van een leien dakje. “Toen de dag van zijn vertrek uit de fontein was aangebroken, werd Hans acuut opnieuw psychotisch. Hij rende weg en we konden hem niet vinden. Uiteindelijk gingen we op advies van de arts maar naar huis, met de bedoeling het op een ander tijdstip opnieuw te proberen. Toen we langs Zeist reden zagen we een vrachtauto dwars over de weg staan met een file erachter. Ik had geen rust, Hans zou toch niet? Maar het was een eind van Bosch en Duin. Thuis werden we gebeld. Hij was het wel. Hans was van het viaduct gesprongen, de vrachtwagen kon hem ternauwernood ontwijken. Hij had twee gebroken ruggenwervels, een verbrijzelde elleboog en een aantal andere verwondingen. In het ziekenhuis was hij heel boos, hij keerde de waarheid om. Wij hadden hem tegengehouden.”

Moeizaam
Hans herstelde wonderwel van zijn verwondingen en verblijft sinds dit najaar in de woonvorm. “Maar ook daar gaat het moeizaam, hij is eigenlijk chronisch psychotisch. Maar als het daar niet lukt, vormt een neutrale gesloten inrichting de enige uitweg. En dat proberen we zo lang mogelijk te vermijden.” Recent was hij zondags overdag thuis en ging hij nog een keer mee naar de kerk, heel onverwacht. Moeder Jansen: “Hij wil dan achterin zitten, op een lege bank. Dan moet je soebatten met de koster, omdat er nooit iemand in die bank zit. Ik zeg nog, laat me het weten als hij soms weggaat. Blijkt na de dienst dat hij halverwege is vertrokken. Niemand zegt iets. En buiten zegt iemand: het gaat wel goed hè, met je zoon? Ik dacht nog, je moest eens weten hoe ziek hij is.”

De naam van de familie Jansen en van Hans is om privacyredenen gefingeerd

Dit artikel is eerder verschenen in Eleoscript oktober 2005 en is geschreven door A. Ermstrang